Architectuur
Architectuur is de kunst en wetenschap van het ontwerpen van de gebouwde omgeving; inclusief steden, gebouwen, interieurs, landschappen, meubelen, objecten enzovoort. Volgens het vroegste overgeleverde werk over het onderwerp, "Over architectuur" van Vitruvius, steunt de architectuur op drie principes: Schoonheid (venustas), Stevigheid (firmitas) en Bruikbaarheid (utilitas). Architectuur kan worden omschreven als de balans tussen deze drie elementen, waarbij niet een de anderen overheerst.
Een beoefenaar van de architectuur heet een architect.
Architectuur wedstrijden
- Archiprix
- Euregionale Architectuur Prijs
- Europan
- Pritzker Architectuur Prize
Architectuur centra
In 1993 werd het Overleg Lokale Architectuur centra (OLA) in het leven geroepen met Architectuur Lokaal als coördinerende partij. Het OLA is een informeel netwerk voor de uitwisseling van ideeën, kennis en informatie. Het fungeert als voedingsbodem voor beginnende centra en als ontmoetingsplatform voor centra die zich inmiddels tot de oudgedienden kunnen rekenen. Het OLA heeft geen formele status, er zijn geen statuten, er is geen bestuur. Er zijn geen woordvoerders of vertegenwoordigers. Het overleg staat open voor alle organisaties die structureel en publieksgericht aandacht besteden aan architectuur. Als belangengroep werd het OLA genoemd in de tweede architectuur-nota (De Architectuur van de Ruimte, 1996), waarmee zij als speler in het architectuur-debat status kreeg.
Reeds voor het verschijnen van de eerste architectuur-nota (Ruimte voor Architectuur, 1991) werden er op vijf plaatsen in Nederland, respectievelijk Rotterdam, Amsterdam, Delft, Leeuwarden en Haarlem, particuliere initiatieven ontplooid om de inrichting van de eigen stad op de voet te volgen en waar nodig te bekritiseren. Inmiddels zijn er zo'n 46 lokale en regionale architectuur centra actief in heel Nederland. Zij vragen aandacht voor architectuur en architectuur beleid op lokaal en soms bovenlokaal (provinciaal of regionaal) niveau. In de meeste gevallen zijn de centra inmiddels opgenomen in het gemeentelijk beleid.
Hoewel het verbeteren van het plaatselijke architectuur-klimaat een belangrijk uitgangspunt is, hebben de activiteiten vaak een veel breder perspectief. Daarbij hoort het betrekken van de bevolking bij architectonische ontwikkelingen in het gebied, maar ook het inspireren en voeden van de vakwereld én het kritisch volgen van de lokale politici en opdrachtgevers om zo een afgewogen planvorming te stimuleren en waar nodig de kwaliteit van het architectuur beleid te verhogen. Architecten en stedenbouwkundigen uit het hele land worden uitgenodigd om lezingen te geven en voorbeelden uit andere steden dienen tot illustratie of spiegel voor projecten in de eigen stad. De centra koesteren hun kritische, onafhankelijk positie en willen als 'luis in de pels' fungeren.
Behalve hun functie als aanjager van het architectuur-debat, hebben veel centra een ruimte ingericht voor hun rol als informatie- en voorlichtingscentrum, en proberen ze het publiek door middel van tentoonstellingen en publicaties te interesseren voor bijvoorbeeld (lokale) nieuwbouwprojecten of prijsvraaginzendingen, nationale architectuur- en stedenbouw, cultuurhistorische onderwerpen en het werk van bekende en minder bekende architecten. Tal van centra ontplooien eigen, voor dat centrum unieke initiatieven, zoals programma's voor de Dag van de Architectuur, ontwerpwedstrijden, manifestaties en lezingen. Architectuur Lokaal betrekt waar mogelijk de centra bij haar eigen projecten.
Dag van de Architectuur
Architectuur onder de aandacht brengen bij een zo groot mogelijk publiek is al twintig jaar het credo van de Dag van de Architectuur. In 1985 riep de Union Internationale des Architectes (UIA) de eerste juli uit tot Dag van de Architectuur. Nederland was in Europa het eerste land dat de architectuurmanifestatie organiseerde. Sinds 1986 is de Dag van de Architectuur uitgegroeid tot een jaarlijks terugkerend groot evenement waarvan de Bond van Nederlandse Architecten (BNA) de trekker is.
Het thema van De Dag van de Architectuur 2007 is 'Tijdelijk verblijf' . Al die gebouwen waar we buitenshuis voor korte of langere duur verblijven, zoals spoorwegstations, noodlokalen van scholen, lobby's van hotels en kantoorgebouwen, poliklinieken en winkelcentra.
De Dag van de Architectuur is een initiatief van de BNA en wordt georganiseerd in samenwerking met onder meer lokale architectuurcentra, culturele instellingen, architecten, en vele vrijwilligers. Samen spannen zij zich in om tijdens de Dag van de Architectuur het grote publiek een interessant aanbod van bijzondere gebouwen voor te schotelen.
Nederland beschikt over een schat aan architectonische schoonheid. Ieder jaar wordt deze schoonheid speciaal onder de aandacht gebracht op de Dag van de Architectuur. Deze dag, die over een weekend wordt uitgesmeerd, kent steeds een ander thema. Gebouwen en locaties die bij dit thema passen, openen tijdens dat weekend de deuren voor het grote publiek. De Dag van de Architectuur is daarmee hét evenement voor iedereen die wil kennismaken met en genieten van de architectonische pracht die ons land rijk is.
In 2007 wordt de Dag van de Architectuur georganiseerd in het weekend van 23 en 24 juni. Op 22 juni vindt de landelijke aftrap plaats, in Rotterdam. Het thema is 'tijdelijk verblijf': alle gebouwen en plaatsen waar we ons slechts voor een korte periode bevinden.
De BNA grijpt dit jaar de landelijke aftrap van de Dag van de Architectuur aan om de winnaar van het BNA Gebouw van het Jaar 2007 bekend te maken. Deze wordt gekozen uit 35 regionale nominaties en geëerd met een unieke gevelplaquette.
Alle BNA-leden konden hun ontwerpen van in 2006 gerealiseerde gebouwen insturen om mee te dingen naar de titel BNA Gebouw van het Jaar 2007. Dit is een initiatief van de BNA om potentiële opdrachtgevers, overheden en publiek een breed overzicht te bieden van de kwaliteit van de Nederlandse architectuur, en sluit daarom naadloos aan bij de Dag van de Architectuur.
Meer informatie over het BNA Gebouw van het Jaar:
Rotterdam 2007 - City of Architecture
In 2007 staat Rotterdam in het teken van architectuur: een jaar lang tentoonstellingen en speciale evenementen rondom bijzondere gebouwen en plekken in dé architectuurstad van Nederland.
Het NAi en Rotterdam 2007
In het kader van Rotterdam 2007, het jaar van de Architectuur organiseert het NAi dit jaar drie bijzondere tentoonstellingen:
Le Corbusier - The Art of Architecture
26 mei - 2 september 2007
Le Corbusier is de Picasso van de architectuur en stedenbouw van de twintigste eeuw. Maar hij was ook een verdienstelijke schilder, beeldhouwer, fotograaf en ontwerper. Voor het eerst is het complete oeuvre van de beroemdste architect van de twintigste eeuw in origineel materiaal te zien. De interdisciplinaire tentoonstelling Le Corbusier - De kunst van architectuur stelt de bestaande ideeën over Le Corbusier opnieuw ter discussie en biedt een prachtig inzicht in zijn werk.
A Better World - Another Power
24 mei - 21 oktober 2007
Architectuur verkeert in een crisis: haar populariteit bij het publiek is sterk gedaald en ze speelt geen rol meer als vertegenwoordiger van publieke behoeften. Met deze uitspraak proberen diverse groepen architecten en kunstenaars de rol van architectuur in ons leven opnieuw te bepalen. In samenwerking met de Internationale Architectuur Biënnale Rotterdam - dit jaar gewijd aan het thema Power - Producing the Contemporary City - presenteert het NAi een tentoonstelling over groepen die 'macht omverwerpen'. In A Better World - Another Power wordt het werk getoond van groepen die met inspraak-initiatieven, spontane creativiteit en activisme een frisse wind laten waaien in de stedenbouwkundige wereld.
P.J.H. Cuypers (1827-1921)
22 september 2007 - 6 januari 2008
De architect P.J.H. Cuypers, meester van de negentiende-eeuwse architectuur, staat in Nederland bekend om grote projecten als het Rijksmuseum (1876-1885) en het Centraal Station Amsterdam (1882-1889), maar ook om zijn enorme hoeveelheid kerken, vooral in het zuiden van het land.
Uit het omvangrijke archief van Cuypers, in beheer van het NAi, blijkt zijn invloed niet alleen als architect maar ook als (rijks)adviseur, jurylid, projectontwikkelaar en verzamelaar. Dit najaar is in het NAi een grote overzichtstentoonstelling te zien waar de veelzijdigheid van Cuypers tot z'n recht komt.
Stimuleringsfonds voor Architectuur
Het Stimuleringsfonds voor Architectuur is het landelijke subsidieloket voor projecten op het gebied van architectuur, stedenbouw, landschapsarchitectuur, interieurarchitectuur en aanverwante disciplines. Het fonds verleent projectsubsidies op basis van verschillende subsidieregelingen, zogenaamd de regeling projectsubsidies Architectuur, regeling projectsubsidies Belvedere en de HGIS-regeling voor internationale projecten. Elke regeling heeft een eigen werkingssfeer. In hoofdlijnen is het doel om de vakontwikkeling en kennisuitwisseling te bevorderen, om de inzet van cultuurgeschiedenis bij actuele ruimtelijke opgaven te stimuleren en de belangstelling voor architectuur te vergroten.
Het fonds is een stichting met een onafhankelijke besluitvorming. Het bestuur beslist over de subsidieaanvragen, hierbij geadviseerd door verschillende adviescommissies. Alle aanvragen worden aan de commissies voorgelegd. Het fonds wordt financieel gevoed door de ministeries van OCW, VROM, LNV en Buitenlandse Zaken.
Het fonds neemt niet deel aan bouwactiviteiten, maar bevordert de reflectie op en het debat over architectuur. Daarbij hanteert het fonds een ruime opvatting ten aanzien van de grenzen van de ruimtelijk ontwerpende disciplines, zodat in principe de totale inrichting van stad en landschap en de reflectie hierop onder de werkingssfeer van het fonds vallen.
Projectsubsidies Architectuur
De ministeries van OCenW en VROM stellen het Stimuleringsfonds voor Architectuur in de periode 2005 - 2008 jaarlijks bijna 2,8 miljoen euro ter beschikking voor subsidiëring van projecten die vallen binnen het kader van de Regeling projectsubsidies Architectuur. Voor de uitvoering van de regeling is het beleidsplan van het fonds richtinggevend. (zie beleid op deze website)
Het doel van de regeling is tweeledig:
Het bevorderen van kennisontwikkeling en kennisoverdracht betreffende de ruimtelijke inrichting van stad en landschap.
De disciplines die zich hier vakmatig mee bezighouden zijn:
. architectuur
. stedenbouw
. landschapsarchitectuur
. ruimtelijke ordening
. interieurarchitectuur
. architectuur- en stedenbouwgeschiedenis
. architectuurtheorie en -kritiek
Het bevorderen van de belangstelling voor architectuur in brede zin bij een groot publiek.
CriteriaBij de beoordeling wordt een onderscheid gemaakt tussen:
- Projecten gericht op kennisontwikkeling en kennisoverdracht betreffende de ruimtelijke inrichting van stad en landschap.Volgens de beoordelingscriteria moeten deze projecten:
- invulling geven aan actuele ontwikkelingen in en discussies over architectuur en stedenbouwkunde;
- vernieuwend of aanvullend zijn op bestaande theorie en praktijk;
- aanzetten tot nieuwe werk- en denkrichtingen in architectuur en stedenbouw en de discussie over gangbare inzichten en methoden bevorderen;
Volgens de beoordelingscriteria moeten deze projecten:
- leiden tot meer belangstelling voor en inzicht in de betekenis van architectuur en stedenbouw bij een breed publiek;
- een groot bereik of uitstralingseffect hebben;
- een actueel onderwerp behandelen;
Projectsoorten
Onderzoek, analyse en theorievormingEen project in deze categorie kan bijvoorbeeld betrekking hebben op analyses van de culturele, politieke en economische condities voor ruimtelijke interventies, het relateren van ontwerp aan kennis afkomstig uit cultuur- en architectuurgeschiedenis, het onderbouwd agenderen van nieuwe ontwerpopgaven, ontwikkeling van nieuwe typologieën, het analyseren en evalueren van gerealiseerde projecten of van oeuvres, veranderingen in het functioneren of de beleving van gebouwen, steden en landschappen en het ontwikkelen van technische innovaties. Reguliere onderwijs- en onderzoeksactiviteiten komen niet voor subsidie in aanmerking.
Ontwerpend onderzoekProjecten in deze categorie zijn gericht op kennisontwikkeling binnen het vakgebied.
Zoals ontwerpend onderzoek om nieuwe ruimtelijke opgaven te verkennen, onderzoek van potenties van specifieke gebieden, onderzoek gericht op ruimtelijke toekomstvisies, het onderzoeken van strategieën en scenario's etcetera. Ook het ontwikkelen en evalueren van nieuwe ontwerpmethoden behoort tot deze categorie. Reguliere onderwijs- en onderzoeksactiviteiten komen niet voor subsidie in aanmerking.
Ontwerpwedstrijden en meervoudige opdrachten zijn middelen om inzicht te verwerven in nieuwe opgaven, c.q. het verkennen van de potenties van specifieke gebieden. Tevens kunnen ze de ontwerpende disciplines stimuleren tot innovatief ontwerpen. Projecten die ingediend worden in deze categorie moeten qua opzet in overeenstemming zijn met de richtlijnen zoals omschreven in Kompas. Handleiding en voorbeeldmodellen bij het uitschrijven van prijsvragen en meervoudige opdrachten op het gebied van architectuur, stedenbouw en landschapsarchitectuur . De prijsvragen dienen ter toetsing aan deze richtlijnen gemeld te worden bij Architectuur Lokaal. Prijzengeld komt niet voor subsidie in aanmerking.
Startsubsidie voor een experimenteel projectDoel van deze categorie is het stimuleren van innovatieve projecten. Deze kunnen bijvoorbeeld afkomstig zijn van jonge of onervaren ontwerpers en onderzoekers, dan wel betrekking hebben op nog nauwelijks verkende werkterreinen. Voor deze categorie is een sterk vereenvoudigd aanvraagformulier beschikbaar. Het maximale subsidiebedrag is € 2.500, dat bestemd is voor het uitwerken van een eerste opzet tot een gedegen en professioneel projectvoorstel. Het project moet resulteren in een reguliere aanvraag voor de regeling.
Jaarprogramma lokale architectuurcentraBinnen deze categorie kunnen uitsluitend lokale en regionale, onafhankelijke, non-profit architectuurcentra een aanvraag indienen. Een jaarprogramma is een samenhangend geheel van activiteiten, waarvoor de actuele opgaven in de eigen stad of regio het referentiekader vormen. Samenwerking met andere culturele instellingen, opdrachtgevers, gemeenten en organisaties die op welke wijze dan ook betrokken zijn bij de inrichting van stad en landschap strekt tot aanbeveling. Voor de jaarprogramma's geldt een subsidieplafond dat jaarlijks door het bestuur wordt vastgesteld. De aanvraag kan alleen betrekking hebben op de kosten die direct gekoppeld zijn aan de activiteiten. Structurele kosten voor bijvoorbeeld huisvesting, personeel of communicatie zijn niet subsidiabel. Uit de aanvraag moet blijken welke financiële ondersteuning gemeenten en provincies leveren aan het architectuurcentrum.




