Gaudi
Spaanse architect, geboren 25 juni 1852, Reus (Tarragona) - overleden 10 juni 1926 te Barcelona
Antoni Gaudi staat bekend om het uitbundige gebruik van kleur, textuur en beweging in zijn gebouwen waarmee hij aan de wieg stond van de Catalaanse art-nouveau beweging en een van de grondleggers van de organische architectuur is.
Biografie
Antoni Gaudi werd geboren als zoon van een eenvoudige kopersmid. Zijn volledige naam is Antonio Plácido Guillermo Gaudi i Cornet. Door reuma moest hij meestal thuis blijven of met een ezel vervoerd worden. Voor de rest van zijn leven heeft hij altijd last gehad van reuma aanvallen.
Jeugd en studie
Antoni Gaudi i Cornet werd in 1852 in de Catalaanse plaats Reus geboren, vermoedelijk in een niet meer bestaand huis op Carrer de Sant Joan 4. Zijn vader, Francesc Gaudi i Serra, was een (niet bepaald rijke) kopersmid. Al vanaf zijn kindertijd leed Gaudi aan reuma.
Op zijn zeventiende vertrok hij naar Barcelona om er architectuur te studeren. Om in zijn levensonderhoud te voorzien had hij bijbaantjes bij verschillende architecten in de stad. Gaudi was geen bijzonder goede student, maar viel wel op door zijn eigenzinnigheid. Zo tekende hij bijvoorbeeld eens "voor de sfeer" een volstrekt irrelevante lijkwagen op een bouwtekening.
Vroege werk
Toch rondde hij zijn studie af. Bij zijn diploma-uitreiking in 1878 zei de directeur Elie Rogent: "He aprobado a un loco o a un genio", we hebben een dwaas in ons midden, of een genie. Opvallend is dat Gaudi, die zich later altijd tamelijk sjofel kleedde, in deze tijd een dandy was, dat wil zeggen buitengewoon veel aandacht aan zijn uiterlijk besteedde. Niettemin leefde hij eigenlijk alleen voor zijn werk. Hij is nooit getrouwd, hoewel het gerucht gaat dat hij rond 1884 een keer verloofd was.
In de tijd dat Gaudi afstudeerde, was er in de Europese architectuur sprake van een grote openheid. Het strakke en sobere Neoclassicisme van bijvoorbeeld de Parijse Arc de Triomphe had plaats gemaakt voor de Romantiek, waarin meer plaats was voor gevoel en waarin er waardering was voor alle bouwstijlen uit het verleden, niet alleen de Romeinse en Griekse. Spanje was enigszins geïsoleerd van de rest van Europa, maar ook hier werd het werk van John Ruskin gelezen, die in 1853 schreef: "Het ornament is de oorsprong van de architectuur". Het werk van Gaudi is uitzonderlijk rijk geornamenteerd.
In Gaudi's jonge jaren ging het de stad Barcelona zeer voor de wind. De rijke burgers omringden zich graag met kunstenaars en Gaudi begaf zich ook in deze intellectuele kringen. Hij ontwikkelde een anti-kerkelijke houding en was ook begaan met de arbeiders.
Een van de bouwstijlen die weer in de belangstelling stonden, was de Gotiek. Gaudi bezocht bijvoorbeeld het door Eugène Viollet-le-Duc herschapen Carcassonne en de kathedraal in Tarragona. De interesse voor de Gotiek had echter ook een politieke achtergrond. Catalonië bloeide economisch, maar werd politiek overheerst door Kastilië (Madrid). Onderwijs in het Catalaans was bijvoorbeeld verboden. Gaudi, die fervent Catalaans was, was lid van de Centre Excursionista, een groep jongeren die plaatsen uit het verleden van Catalonië bezocht. Gaudï sprak zo veel mogelijk Catalaans, ook als dat dan voor anderstalige bouwvakkers eerst vertaald moest worden.
Net als Viollet-le-Duc was Gaudi er niet voor om de architectuur uit het verleden klakkeloos over te nemen; zij diende vooral als inspiratie. Het gevolg was wel dat Gaudi in zijn leven slechts één keer een prijs kreeg, voor het relatief conventionele Casa Calvet. Hij schijnt onder deze miskenning geleden te hebben.
Vreemd genoeg kreeg Gaudi al voordat hij naam had gemaakt een grote opdracht. In 1881 kocht een vereniging in Barcelona een stuk grond, waarop zij een kerk en bijbehorend complex wilden laten bouwen ter ere van de Sagrada Família (de Heilige Familie: Jozef, Maria en hun kind Jezus). De opdracht ging eerst naar Francisco de Paula del Villar, voor wie Gaudi in zijn studententijd had gewerkt. Deze trok zich echter al snel na het begin van de werkzaamheden terug. Joan Martorell, ook een bekende van Gaudi en qua Neogotiek de belangrijkste Catalaanse architect, zou de leiding overnemen, maar weigerde. Waarom de onbekende Gaudi in 1883 de opdracht kreeg, is niet geheel duidelijk.
Het gebruik van scherven in een van de torens van de Sagrada FamiliaIn datzelfde jaar begon de bouw van Casa Vicens. Het is een combinatie van baksteen en natuursteen, maar opvallend zijn vooral de tegels die de buitenkant van het huis grotendeels bedekken. De geometrische patronen die ze vormen, doen denken aan Arabische bouwwerken en Gaudi heeft zich hiervoor dan ook laten inspireren door de Moorse architectuur in Spanje. Het huis, waarvan hij ook het interieur ontwierp, is echter een combinatie van vele stijlen. Zo zitten er op het balkon van een hoektoren Rafaël-achtige engeltjes en is de eetkamer een voorbeeld van Jugendstil.
Latere werk
Zoals vermeld kon de overheid Gaudi's werk zelden waarderen, maar er waren genoeg anderen die dat wel deden, zoals textielmagnaat Eusebi Güell i Bacigalupi en bisschop Joan Bautista Grau i Vallespionós. Güell was een typische Maecenas, iemand die kunstenaars in zijn huis ontving en ondersteunde. Op het moment dat de zakenman Gaudi leerde kennen, had deze nog weinig gepresteerd. Güell baseerde zijn waardering vooral op de ontwerpen die hij tijdens de Wereldtentoonstelling had gezien.
Voor Güell realiseerde Gaudi diverse objecten, waaronder het Palau Güell. Ook dit huis is een combinatie van vele stijlen. Gaudi gebruikte hier voor het eerst, onder meer in de gietijzeren poorten, de parabool en kettinglijn als vorm, iets wat in zijn latere werk steeds terugkomt. Ook de bizarre torentjes op het dak vallen op. De jonge architect trok met dit gebouw voor het eerst de aandacht van de pers.
Aan het begin van de 20e eeuw creëerde Gaudi het Parc Güell. Behalve de gebouwen ontwierp hij veel van de mozaïeken. Hiermee toonde hij zich aanhanger van de stelling van Ruskin dat een architect ook de schilderkunst en de beeldhouwkunst moest beheersen. Het park was oorspronkelijk overigens bedoeld als woonwijk, maar van die sociale bedoeling kwam weinig terecht.
Gaudi's belangrijkste werk is de kathedraal Sagrada Familia, gebouwd in opdracht van conservatieve katholieken. In 1914 besloot Gaudi, die op latere leeftijd niet meer sterk tegen de kerk gekant was -integendeel, alleen nog maar aan de Sagrada Familia te werken. Soms ging hij zelf langs de deuren om geld op te halen voor de bouw ervan en in zijn laatste jaren woonde hij zelfs op het bouwterrein. Aan de kerk wordt tot op de dag van vandaag gebouwd.
Materialen, constructie en werkwijze
Vergeleken met de architecten van zijn tijd was Gaudi opvallend praktisch ingesteld. In plaats van veel tijd achter de tekentafel door te brengen, was hij vaak in de weer met schaalmodellen om bijvoorbeeld de sterkte van een constructie te testen. Zijn bouwtekeningen waren vaak schetsen, dus weinig exact. Pas tijdens de bouw ontwikkelde hij veel van zijn ideeën, vaak na overleg met de arbeiders. Omdat hij over zijn theorieën en principes vrijwel niets op papier zette, werd hij na zijn dood relatief weinig nagevolgd.
Het was ook niet makkelijk om Gaudi's werk voort te zetten. Naar onze (huidige) normen, werkte Gaudi met een erg kleine veiligheidsmarge, te klein zelfs. Huidige architecten kunnen zijn indrukwekkende werk dan ook maar moeilijk navolgen.
Gaudi's gebouwen maken een extravagante indruk, maar hij gebruikte vooral relatief goedkoop en lokaal beschikbaar materiaal, zoals baksteen. Voor zijn mozaïeken werden vaak scherven gebruikt die afval waren van firma's in keramiek.
1863 - 1868 Gymnasiumtijd in de kloosterschool van de paters Escolapios in Reus.
1867 - Gaudi publiceert voor het eerst tekeningen in de krant 'El Arlequín' in Reus, die in hand geschreven vorm verspreid werd (met een oplage van 12 exemplaren). Gaudi tekent het decor voor uitvoeringen van het schooltheater.
Op 17-jarige leeftijd ging hij naar Barcelona en bezoekt de voorbereidingscursus aan de natuurwetenschappelijke faculteit van de universiteit van Barcelona.
1870 In verband met restauratieprojecten voor het klooster Poblet ontwerpt Gaudi het wapen voor de abt van het klooster.
1873 - 1877
Architectuurstudie aan de Escola Provincial d'Arquitectura in Barcelona. Tijdens de studie maakt hij vele ontwerpen; onder andere een poort voor een kerkhof, een ziekenhuis in Barcelona en een aanlegsteiger.
Om geld te verdienen werkt Gaudi tijdens zijn studie op verschillende architectenbureaus, onder andere bij Josep Fontseré en Francisco Paula de Villar, die later de bouw van de Sagrada Familia zou beginnen. Samen met Villar werkt Gaudi aan projecten voor het klooster Monsterrat.
Toen Gaudi aan zijn carrière begon als architect was hij niet revolutionair en haalde hij zijn ideeën ook wel uit boeken. Maar hij begon een zoektocht naar zijn eigen stijl in een bijzonder gunstig klimaat. De gehele architectuur bevond zich in een toestand van openheid. Men zocht naar nieuwe ideeën en er was geen vaste norm.
Gaudi bestudeerde ook de Neogotiek, zoals deze door de Franse architecten gepropageerd werd. Catalonië, de geboorte streek van Gaudi, was stap voor stap zijn onafhankelijkheid kwijtgeraakt. De herontdekking van de Gotiek, de laatste decennia van de 19e eeuw, was voor de Catalanen, en ook voor Gaudi, meer dan alleen een aangelegenheid van de kunst. Het werd een politiek signaal.
Vooral zijn anti-kerkelijke houding maakte hem geliefd bij de jongere garde. Tegelijk interesseerde hij zich voor nieuwe sociale ideeën en theorieën.
1878 - Kort voor het eind van zijn studie krijgt Gaudi zijn eerste openbare opdracht. Voor de stad Barcelona moet hij een straatlantaarn ontwerpen. In 1879 werden de eerste lantaarns geplaatst.
Hoewel hij zich goed thuis voelde bij de intellectuelen zette hij zich vooral in voor het probleem van de arbeiders. Zijn eerste grote project was dan ook een onderbrengen voor arbeiders van een fabriek. Het was een project in samenwerking met de arbeiderscooperatie van Mataro. Dit project betekende het begin van een steeds groeiende faam. Het project werd in 1878 op de wereldtentoonstelling in Parijs getoond.
Op 15 maart 1878 behaalt Gaudi zijn architectuurdiploma.
Na zijn studie gaat Gaudi op excursie met de Asociación de Arquitectura de Cataluña en de Asociación Catalanista d'Excursions Científiques om oude bouwwerken te bestuderen.
Voor de handschoenenhandelaar Esteve Comella ontwerpt Gaudi een etalage. Eusebi Güell wordt door de vorm van het raam op Gaudi attent gemaakt.
Sagrada Família
Het meest bekend is Gaudi waarschijnlijk om zijn Sagrada Familia - voluit Temple Expiatori de la Sagrada Família - (vanaf 1883), de kerk in Barcelona waar hij begraven ligt en waar nog steeds aan gewerkt wordt. In deze tempel, die ondertussen het symbool is van de modernistische architectuur in Barcelona, heeft hij al zijn opvattingen over architectuur samengevat.
Het is ontworpen in de zogenaamde neocatalaanse stijl, vol grillig gevormde torentjes en ornamentjes, waaraan al zó lang gebouwd wordt dat de voltooide gedeelten al zijn aangetast en gerenoveerd moeten worden.
Op 3 november 1883 nam Gaudi de leiding van de bouw over van Francisco de Paula del Villar, een aanhanger van de neogotiek, die tot dusver alleen een deel van de crypte klaar had. Gaudi heeft deze volgens de originele ontwerpen afgemaakt. Hierna heeft hij zijn eigen ideeën erop losgelaten en begon een kerk te bouwen in zijn eigen excentrieke stijl.
Tijdens de bouw stond Gaudi erop dat hij van alles op de hoogte gehouden werd. De ambachtslieden leidde hij zelf op. De laatste jaren van zijn leven zou Gaudi uitsluitend hieraan werken en als een kluizenaar op de werf leven. Toen hij bij een ongeval onder een tram belandde, stierf hij en werd hij begraven in de crypte van deze kerk.
Het gebouw zit vol christelijke symboliek. Zo moet een centrale grote toren, met groot kruis naar Christus verwijzen en hebben de twaalf apostelen ieder een eigen klokkentoren. Elke façade wil een moment van het leven van Christus vertonen (geboortefaçade, lijdensfaçade).
Het beginontwerp ging uit van een basilica met een hoofdschip en een driebeukig dwarsschip, zodat het totale grondplan een Latijns kruis zou vormen.
De tempel zou drie façades krijgen (façade van de geboorte, façade van de glorie en façade van de passie) met elk vier torens, die samen de twaalf apostelen moeten symboliseren (elke toren moet een moment uit het leven van Christus laten zien). Bovenaan de torens staan woorden als: "Hosanna", "Excelsis" en "Sanctus". Een centrale hoofdtoren, omringd door vier torens, moest Christus tussen de evangelisten voorstellen. Verder kwamen er drie kapellen, een doopkapel, één voor penitenten en een atrium. Ook in het interieur waren zijn ideeën doordacht. Het koor was bezet met zeven kapellen die gegroepeerd waren rond de centrale kapel, deze is gewijd aan de hemelvaart van Maria, en aan de overkant van het hoofdschip zijn aan weerszijden van het hoofdportaal een biecht- en een doopkapel gemaakt.
Het schip moest een oerwoud van zuilen worden, omdat Gaudi in tegenstelling tot de bouwmeesters van de gotische kathedralen de drukkrachten van de constructie in het interieur wilde opvangen, zonder een enkele uitwendige steunbeer of luchtboog. Hij wilde de zuilen een nijging geven die correspondeerde met de erop inwerkende krachten, een techniek die hij al vaker succesvol had toegepast (zie kettinglijn). De buitenkant is "bekleed" met een grandioze uitbeelding van de verlossing van de mensheid door Jezus. Om alles zo goed en vanuit elke hoek te bedenken en te bestuderen maakte Gaudi vele maquettes van de tempel.
Elke zuil heeft een "thema". Zo heeft de westfaçade het thema het lijden van Christus en de oostfaçade Christus' geboorte. Als de bouw af is, zal de basiliek de grootste ter wereld zijn. De bovenkanten van de torens zijn waarschijnlijk geïnspireerd door het kubisme en de decoraties zijn waarschijnlijk door de stijl Art Nouveau geïnspireerd. Oorspronkelijk zouden de torens trouwens drie keer zo hoog zijn als nu.
Bij het geboortegedeelte is veel decoratiewerk en o.a. drie poorten: "Fe", "Esperanca" en "Caritat" (geloof, hoop en liefde) die de ingang zijn naar de vleugel van het Epistel van de kruisweg. Daarin komen in de vorm van beelden en reliëfs scènes voor uit het leven van Christus en uit de Mysteries van de Rozenkrans .
In 1881 is de opdracht aan Francisco de Paula del Villar gegeven. In 1883 is deze overgedragen aan Gaudi. Hoewel Gaudi de meeste gebouwen die hij ontwierp ook wilde beëindigen, zou hij de voltooiing van de Sagrada Família niet meemaken en daarom heeft hij heel veel gedetailleerde ontwerpen, maquettes en tekeningen gemaakt om het de architecten na hem gemakkelijker te maken. Na Gaudi zijn de volgende architecten bij de bouw betrokken geweest: Francesco Quintana, Puig Boada, en Lluís Gari. De beeldhouwwerken zijn toen verder gemaakt door J. Busquets en de façades door Joseph Subirachs. Anno 2007 is de bouw van de kerk nog steeds niet voltooid. De bouwers hebben medio juli 2006 de verwachting uitgesproken dat eind 2008 de overkapping van de centrale beuk klaar is. Verwacht wordt dat de gehele kerk rond 2025 af zal zijn. De feestelijke inwijding zou dan kunnen plaatsvinden op de honderdste sterfdag van Gaudi: 10 juni 2026.
Casa Vicens (1885 - 1888)
Van Manuel Vicens i Montaner krijgt Gaudi de opdracht een woonhuis te bouwen.
1887 - 1893
Gaudi bouwt het bisschoppelijk paleis in Astorga.
1888 - 1889
Gaudi gaat door met de bouw van het Colegio Teresiano.
1891 - 1892
Bouw van het Casa de los Botines in León. Tegelijkertijd reist Gaudi naar Málaga en Tanger om de bouwplaats voor het geplande project, een Franciscaans klooster, te bezichtigen.
1893
De bisschop van Astorga overlijdt. Gaudi ontwerpt voor zijn beschermer een katafalk voor de begrafenis en een grafsteen; hij stopt met zijn werkzaamheden aan het bisschopspaleis na de dood van de bisschop, omdat er problemen rijzen tussen hem en het bestuur van het diocees.
1894
Gaudi brengt zichzelf in gevaar door te streng vasten tijdens de vastenperiode. Dit voorval laat zien hoe religieus Gaudi intussen is geworden, terwijl hij vroeger nogal koel tegenover de Kerk stond.
1895 - 1901
Gaudi werkt met zijn vriend Francesc Berenguer aan een wijnkelder voor Güell in Garraf (in de buurt van Sitges). Later wist men niets meer van Gaudi's medewerking aan dit project.
1898
Gaudi begint met de plannen voor de kerk in de Colònia Güell. De werkzaamheden duren tot 1916 en laten dan toch een onvoltooid werk achter: van de geplande kerk voltooit Gaudi alleen de crypte en het portaal.
1898 - 1900
Gaudi bouwt het Casa Calvet in Barcelona; hiervoor krijgt hij van de stad Barcelona in 1900 de prijs voor het beste bouwwerk van het jaar. Het is Gaudi's enige openbare onderscheiding.
1900
Gaudi krijgt opdracht om voor het klooster Montserrat in het kader van een groot rozenkransproject het eerste Glorierijke Mysterie van de rozenkrans uit te beelden.
1900 - 1909
Op het terrein van het voormalige landhuis van Martí I bouwt Gaudi een landhuis in de stijl van een middeleeuws kasteel voor Maria Sagués. Het ligt op een helling iets buiten Barcelona en krijgt vanwege het mooie uitzicht de naam 'Bellesguard'.
1900 - 1914
In 1900 begint Gaudi met de werkzaamheden voor het ambitieuze project van Güell: in Gràcia (toen iets buiten Barcelona gelegen) moest een groot woonpark gebouwd worden. Van het oorspronkelijke woonproject komen alleen twee gebouwen bij de ingang van het terrein af. Gaudi werkt tot 1914 aan de ingang, het grote terras en een ingewikkeld net van wegen en straten.
1901
Voor het landgoed van de fabrikant Miralles construeert Gaudi een muur met ingangspoort.
1903 - 1914
Gaudi restaureert de kathedraal van Palma de Mallorca - een poging om de binnenruimte van de kathedraal in de oude liturgische zin te herstellen.
In 1905 begint gaudi met de bouw van het appartementencomplex Casa Battlo, die door zijn blauwe kleur opvalt in het straatbeeld van Barcelona. Het resultaat: een volledig revolutionaire nieuwbouw voor die tijd.
1906
Gaudi verhuist naar een van de huizen in het Park Güell om zijn oude vader het traplopen te besparen. Zijn vader overlijdt op 29 oktober van hetzelfde jaar.
1906 - 1910
Gaudi begint met de bouw van het Casa Milà, zijn grootste woonhuisproject.
1908
Gaudi krijgt de opdracht een hotel in New York te bouwen. Hij komt niet verder dan de bouwtekeningen, die ook hier weer een gedurfde bouwvisie verraden.
In hetzelfde jaar ontwerpt Gaudi een kapel voor het Colegio Teresiano. Het project mislukt vanwege problemen tussen Gaudi en de overste van het klooster.
Hervatting van de werkzaamheden aan de Crypte Colònia Güell in Santa Coloma.
1909
Gaudi bouwt de school van de Sagrada Familia.
1910
In Parijs vindt een tentoonstelling van de Société National de Beaux-Arts plaats, waar talrijke werken van Gaudi tentoongesteld worden. Het is Gaudi's enige tentoonstelling in het buitenland tijdens zijn leven.
Eusebi Güell wordt in de adelstand verheven.
1914
Gaudi's goede vriend en medewerker Francesc Berenguer i Mestres overlijdt. Met hem heeft Gaudi in Reus het eerste onderwijs genoten bij Berenguers vader.
Gaudi besluit om alleen nog maar aan de Sagrada Familia te werken. De laatste twaalf jaar van zijn leven bracht Gaudi in volstrekte afzondering door. De kathedraal werd zijn woon- en werkruimte.
Op 7 juni 1926, laat in de middag, verlaat gaudi zijn atelier om een wandeling te maken. Hij wordt aangereden door een tram en bewusteloos naar het armenziekenhuis gebracht omdat men dacht dat hij arm was, gezien de kleren die hij droeg. Toen het verplegend personeel er achter kwam wie Gaudi werkelijk was werd hij verplaatst naar een privekamer waar hij drie dagen later overlijdt.
Gaudi was nooit op een zuivere stijl uit. Hij was geen nabootser, maar liet zich door de bouwwerken uit het verleden inspireren. De bouwwerken van Gaudi zijn een realisering van de theorie dat grote werken uit het verleden geanalyseerd moesten worden om daaruit ideeën te halen voor de tijd van nu.
Blijkbaar waren de architectonische ideeën van Gaudi te gedurfd en werden ze door stads- en staatsinstellingen te weinig op hun waarde geschat. Het gebrek aan officiële herkenning, in ieder geval van prijzen, zou hem zijn leven lang begeleiden. Hij heeft maar een keer een prijs gekregen en dat was dan ook voor een van zijn conventionelere bouwwerken, het Casa Calvet. Hij kreeg ook zeer zelden opdrachten van de overheid. Gaudi werkte vooral aan en voor zijn schrijftafel. Hij maakte op enkele uitzonderingen na plannen en ontwerpen die niet uitgevoerd werden.




